logo politiek delft

    PolitiekDelft.nl streeft naar onafhankelijk en objectief nieuwsverslag van het gebeuren in de Delftse politiek
                PolitiekDelft.nl is een orgaan van de logo prodeo Stichting Prodeo Advies Delft KvK Delft nr. 27173695

Reacties naar: redactie@politiekdelft.nl of prodeo@wanadoo.nl

Archief - Overzicht van de voorgaande publicaties per maand gerangschikt


woensdag 16-05-2007 00h00
Wat schrijven de Delftse raadsleden en anderen
bestuur VDF en OGD - "Inleiding WMO stuk naar de politiek gezonden"



Inleiding WMO stuk naar de politiek gezonden. MEEDOEN is één van de belangrijkste peilers van de Wmo. Vanuit het beleidsveld “individuele voorzieningen Wmo” wordt dit vertaald naar het toegankelijk maken van voorzieningen voor burgers, die door beperkingen worden belemmerd om mee te doen aan de samenleving of om zelfstandig te kunnen functioneren in hun leefomgeving. Door het aanbieden van individuele voorzieningen, wordt getracht deze burger zoveel mogelijk In artikel 1.g.6 wet WMO, staat en wij citeren; "het verlenen van voorzieningen aan mensen met een beperking of een chronische psychisch probleem en aan mensen met een psychosociaal probleem ten behoeve van het behouden en het bevorderen van hun zelfstandig functioneren of hun deelname aan het maatschappelijke verkeer." Het bestuur van het VDF wil het college en de commissieleden wijzen op het feit dat haar inzien nergens in de WMO tekst gesproken wordt met de woorden "getracht" of "zoveel mogelijk". De woorden getracht en zoveel mogelijk zijn afkomstig uit de WVG-wet en niet de WMO. De WMO-wet is nu juist opgericht om de mens met een beperking te compenseren in hun beperkingen zodat deelname aan het leven mogelijk gemaakt wordt. Zodat betrokkene net zoveel kansen heeft om als zelfstandig volwaardig burger te kunnen functioneren als mensen zonder beperkingen. Dit is het uitgangspunt van de WMO-wet en dus zou het ook het uitgangspunt van de gemeente Delft dienen te zijn. Ook in artikel 4 van de WMO-wet staan de aangehaalde woorden niet genoemd. Ook daarin wordt verwoord dat de beperkingen van betrokkene moeten worden gecompenseerd. Het VDF en het OGD -bestuur zou dan ook aan U college en commissieleden willen adviseren de woorden "getracht" en "zoveel mogelijk" niet te bezigen. Ter voorkomen dat de gemeente Delft zich niet houdt aan hetgeen in de wet staat vernoemd. te compenseren in de door haar of hem ondervonden beperkingen, rekening houdend met de individuele omstandigheden. Ten tijde van de wet Voorzieningen Gehandicapten (Wvg) bestond het verstrekkingenpakket uit voorzieningen op de terreinen van wonen, vervoer en rolstoelen. Met de ingang van de Wmo per 1 januari is de Hulp bij huishouden als voorziening vanuit de AWBZ eraan toegevoegd. Het bestuur van het VDF en de OGD merkt in deze op, dat de WVG en een gedeelte van de AWBZ zijn opgegaan in een andere wet, met een ander uitgangspunt. Wezenlijk iets anders dan hier, in het discussiestuk, wordt verwoord. Het verstrekken van voorzieningen in deze nieuwe wet dient op basis van het compenseren van de beperkingen van betrokkene te gaan. Dus maximale zorgplicht, vertaald naar de WVG-termen. Zie ook het geen in onderstaande alinea staat geschreven. Naast deze nieuwe taak heeft de gemeente de wettelijke verplichting gekregen om burgers keuzevrijheid te bieden. De burger krijgt de keuze om individuele voorzieningen in natura ook als Persoonsgebonden budget aan te vragen mits er geen overwegende bezwaren zijn. Het bestuur van het VDF en de OGD wil in deze opmerken dat in discussiepunt 3 het college naar voren brengt dat een collectieve voorziening een individuele voorziening doe collectief wordt uitgevoerd. Kortom alle voorzieningen zijn individueel. Dus voor elke voorziening moet de gemeente betrokkene keuzevrijheid aanbieden. Ook nieuw is de benadering van de beperkingen waarvoor een voorziening verstrekt wordt. De Wvg ging uit van een minimale zorgplicht. Zorgplicht is het zorg dragen voor de verlening van voorzieningen. Het compensatiebeginsel is daarentegen niet primair gericht op de voorziening maar op het resultaat (resultaatverplichting). Het VDF en de OGD kan zich hierin volledig vinden. De gemeente mag naar eigen inzicht collectieve en individuele voorzieningen inzetten en houdt daarbij rekening met de persoonlijke situatie van de klant. Het VDF en de OGD kan zich ook hier achter scharen, echter wel met de kantekening dat rekening gehouden dient te worden met de persoonskenmerken en de behoeften van de aanvrager (WMO artikel 4.2) Het kan dus voorkomen dat in het ene geval een aanvrager met een collectieve voorziening wordt gecompenseerd en in het andere geval wordt gecompenseerd met een individuele. Dit klopt. Maar dat moet dan wel de keuze zijn van betrokkene. De keuze van betrokkene voor PGB of natura moet te alle tijden gerespecteerd worden. Immers alleen betrokkene kan bepalen wat zijn of haar behoefte is en of hierdoor de beperking wordt gecompenseerd. Dit vereist maatwerk, waarbij rechtsgelijkheid Het is niet duidelijk welke rechtsgelijkheid hier wordt bedoeld. Bedoelt het college hier dat in alle situaties het compenseren van beperkingen wordt bekeken aan o.a de hand van de participatie van een mens in gelijkwaardige omstandigheden. Als het college dit wil waarborgen dat is het VDF en de OGD het geheel eens met het college. Maar als het college stelt dat het aanbieden van collectief vervoer als primaat een waarborg is voor rechtsgelijkheid dan zijn wij van mening dat dit niet kan en overeenstemt met de wet. gewaarborgd blijft. Dit is een veel meer vraaggerichte manier van werken. Het vraaggericht werken is dan ook een van de rode draden die in de startnotitie “Van discussie, naar visie, naar Wmo-beleid” staat beschreven. Een niet weg te denken spanningsveld bij het opstellen van het verstrekkingenbeleid is het financieel beheersbaar uit kunnen voeren daarvan. Het VDF en de OGD kan naar alle redelijkheid dit spanningsveld niet ontkennen. Maar is daarbij wel van mening dat de WMO bedoeld is voor ALLE burgers van Delft en niet specifiek voor 1 groepering. Van bepaalde voorzieningen kunnen alle burgers met veel plezier gebruik maken. Het VDF doelt dan als voorbeeld op o.a. het toegankelijk maken van het reguliere openbaar vervoer. Hierdoor worden de deuren van bussen en trams breder en de instap gelijkvloers, waardoor b.v.moeders met kinderwagens of mensen met grote koffers ook gemakkelijker in het vervoer kunnen instappen. Tevens kan door het toegankelijk maken van het openbaar vervoer de haltetijd van de bus of tram bekort worden, omdat iedereen makkelijk in en uit kan stappen. Met klem wil het VDF en het bestuur van de OGD er nogmaals wijzen op het feit dat de WMO zich op den duur overbodig moet maken. Dit gold al onder de Wvg en is met de toevoeging van hulp bij huishouden en het krappe budget wat het rijk daarvoor beschikbaar stelt een flinke uitdaging geworden. Het RIJK heeft na wikken en wegen besloten de WMO gelden niet te oormerken, maar niet geoormerkt in de gemeentefonds te storten. Waardoor het voor het college mogelijk gemaakt is om zelf te bepalen om eventueel MEER geld voor de WMO beschikbaar te stellen, met in het achterhoofd dat op termijn de WMO minder geld zal vragen. Als de gemeente hard werkt aan het feit dat buurthuizen en wijken dusdanig worden ingericht dat alle burgers kunnen participeren zal dit punt geen geld meer vragen van de gemeente en wordt de uitvoering van de WMO steeds goedkoper. De beperkingen van haar burgers nemen af. Met deze uitdaging gaat de gemeente de beleidsuitgangspunten voor de nieuwe verordening Voorzieningen maatschappelijke ondersteuning vorm geven.Het VDF en de OGD gaan er vanuit dat hetgeen zij heeft toegevoegd door het college wordt verwerkt in de nieuwe verordening 2008, in het voordeel van ALLE burgers van Delft en de gemeente zelf. Wederom blijkt dat het jammer te noemen is dat het college haar voornemens in 2003 om de specifieke behoeften/beperkingen van haar burgers in kaart te brengen, niet heeft uitgevoerd. Had de gemeente dat wel gedaan dan was nu reeds duidelijk welke voorzieningen de gemeente op korte termijn kon treffen, zodat heel veel mensen op volwaardige wijze konden participeren, zonder beperkingen te voelen. Ter voorkomen dat er veel aanvragen in de WMO gedaan zou worden. Beleidsvragen In de startnotitie “Van discussie, naar visie, naar Wmo beleid” wordt een eerste aanzet gegeven voor een breed gedragen en betaalbaar Wmo Deze opmerking staat haaks op hetgeen het college zelf in discussiepunt 3 naar voren brengt. beleid in de gemeente Delft. Onderdeel hiervan zijn de individuele voorzieningen Wmo. Het huidige beleid, neergelegd in verordening en besluit, is grotendeels afkomstig uit het oude Wet voorzieningen gehandicapten, Wvg beleid. Deze opmerking klopt op zichzelf, maar de gemeente had haar huidige beleid anders moeten inrichten, afwijkend van het WVG beleid.Immers het WMO beleid moet gericht zijn op het compenseren van beperkingen en niet op de minimale zorgplicht die de gemeente zichzelf heeft opgelegd. Zoals afgesproken vindt in 2007 de discussie plaats over de beleidsuitgangspunten voor de individuele voorzieningen, Een vreemde opmerking. De wet WMO schrijft duidelijk voor wat de beleidsuitgangspunten dienen te zijn bij het verstrekken van een (individuele) voorziening. Hier hoeft binnen de gemeente Delft dus niet over gediscussieerd te worden. Waar wel over gesproken moet worden is deinvulling hiervan. Als vertrekpunt voor deze discussie nemen we de rode draden en de sociale investeringsvierhoek uit de startnotitie. Deze vierhoek verbindt de volgende aandachtsgebieden: Toerusten: in het licht van “individuele voorzieningen Wmo” kan daarbij gedacht worden aan mensen mogelijkheden aanreiken Dit is een beweging van bovenaf. De gemeente reikt aan. Het heeft niets te maken met hetgeen de mensen met een beperking daadwerkelijk nodig heeft, of voelt nodig hebben, om volledig te kunnen participeren. Er wordt hier niet gesproken over hetgeen artikel 4.2 oplegt aan de gemeente. Rekening houden met de behoefte en persoonskenmerken van de aanvrager. Ook nu weer moet het VDF en de OGD de conclusie trekken dat het jammer is dat het college haar aangenomen beleid van 2003 niet ter uitvoering heeft gebracht. om zelfredzaam te zijn en in staat te zijn tot deelname aan de samenleving. Volgens welke maatstaven en wie bepaald dat. De WMO is hier duidelijk in. Advies aan het college: volg de WMO. Verbinden: hierbij kan gedacht worden aan voorwaarden scheppen voor samenleven en elkaar ontmoeten. De vraag van het VDF/OGD is WIE gaat en op welke gronden, de voorwaarden scheppen en vooral HOE? Het is niet echt duidelijk. Het VDF en de OGD gaat er dan ook vanuit dat het college hier bedoelt te zeggen dat zij hard gaat werken aan het bereikbaar, bruikbaar en toegankelijk maken van de gehele gemeente Delft (alle gebouwen, alle openbare ruimten dergelijke) omdat het college zich realiseert dat alleen door middel van haar burgers te garanderen dat zij hun woningen uitkunnen, zich vrijelijk kunnen voortbewegen en het vrijelijk ergens anders binnen gaan, de voorwaarden is voor het ontmoeten van elkaar. Delen: het creëren van gelijke kansen en mogelijkheden. Gelijke kansen en mogelijkheden zijn nu juist de voorwaarden om elkaar te kunnen ontmoeten en deel te nemen aan het maatschappelijk leven. Deze tekst hoort dus onder het kopje verbinden. Handhaven: het opstellen van regels en noodzakelijke controle om bescherming te bieden aan goedwillende burgers. Het VDF en de OGD begrijpen deze opmerking in het geheel niet. Deze opmerking geven beide besturen het gevoel dat het college het hier heeft over haar angst dat mensen met beperkingen misbruik zullen gana maken van de WMO, ten koste van andere burgers. Wat het bestuur meer had gehoopt dat de gemeente zou bedoelen is het feit dat het college beslist haar eigen nota’s daadwerkelijk te zullen gaan uitvoeren naar de letter en de bedoeling van de nota. Het bestuur doelt dan o.a. op de nota Meerjaren gehandicaptenbeleid 2003-2007, waarin het college en de gemeenteraad zich hadden voorgenomen daadwerkelijk goede stappen te gaan zetten om de invoering van de WMO voor te bereiden en te vergemakkelijken. Hetgeen echter nooit is gebeurd. De invulling daarvan is het formuleren van zogenaamde beleidsvragen. Deze vragen vormen een discussiekader om te komen tot het eerder genoemde, breed gedragen en betaalbaar Wmo beleid individuele voorzieningen.Hoewel het VDF en de OGD kunnen zich kan indenken dat een van de taken van het college is het beheersbaar maken en houden van verordeningen en betreuren het ten zeerste dat de gemeente steeds weer bij de WMO nadrukkelijk blijft spreken over het betaalbaar maken van de WMO en in mindere mate spreekt over de welzijn van de burgers van Delft. (kwaliteit boven kwantiteit) Dit is echter een gezamenlijke verantwoordelijkheid. De Wmo betekent namelijk ook participatie. De WMO betekent ALLEEN maar participatie en niet OOK. Gemeenten dienen hun burgers en de relevante organisaties te betrekken bij het opstellen van beleid. Het eerste is tot stand gekomen in de vorm van de Wmo-dag d.d. 10 maart. Op deze dag hebben burgers (en instellingen) mee kunnen denken over de Wmo in Delft en wat zij belangrijk vinden. Het is niet duidelijk wat het college hier precies bedoeld. In de wet staat niets geschreven over relevante organisaties. Wat verstaat het college hieronder? De wet zegt in artikel 10 lid 1. en wij citeren: "Het college van burgemeester en wethouders betrekt de ingezetenen van de gemeente en in de gemeente een belang hebbende natuurlijke en rechtspersonen bij de voorbereiding van het beleid ……" en in artikel 11 lid 2: "Het college van B&W stekt ingezetenen van de gemeenten en in de gemeente belanghebbende natuurlijke en rechtspersonen vroegtijdig in de gelegenheid zelfstandig voorstellenvoor het beleid in zakenmaatschappelijke ondersteuning te doen." Vervolgens kunnen burgers en instellingen blijven meedenken onder andere in de negen Wmo-werkteams. Het VDF en de OGD zijn verenigingen van veel mensen met een beperking. In het VDF en de OGD is zeer veel kennis en vooral ervaringsdeskundigheid bijeengebracht. Als het VDF en de OGD iemand afvaardigt namens hun te spreken, vertegenwoordigt deze personen dan ook direct vele duizenden inwoners van Delft. Het VDF en de OGD samen verwoord dus voor vele burgers hetgeen zij denken over de WMO en wat zij van het College wel of niet verwachten. Tot in tegenstelling met een werkgroep, waarin burgers namens hen zelf mee kunnen spreken over zaken waar zij weinig of geen overall kennis of ervaring mee hebben. Op deze wijze heeft de gemeente eenzelfde situatie gecreëerd als zij de afgelopen jaren met het panel heeft gedaan. Veel mensen met elkaar laten spreken, waarvan er velen waren die geen of weinig kennis van zaken hadden. Het VDF en de OGD behoudt zich, staande op de wet, zich het voorrecht om veelvuldig het College en de gemeenteraad gevraagd of ongevraagd van advies te dienen. De opgevoerde beleidsvragen in deze notitie zijn dan ook deels geformuleerd uit stellingen en reacties uit deze Wmo dag. Het is het VDF en de OGD niet duidelijk welke stellingen en reacties nu werkelijk uit deze WMO-dag gekomen zijn. Graag zou het VDF en OGD hier inzage in krijgen.

Archief - Overzicht van de voorgaande publicaties per maand gerangschikt


POLITIEKDELFT.NL ..... een vertrouwensprodukt
POLITIEKDELFT.NL ..... wij schrijven wat we horen ...
POLITIEKDELFT.NL ..... wij maken zichtbaar wat we zien ...
POLITIEKDELFT.NL ..... voor betrouwbaar en eerlijk politiek nieuws


    PolitiekDelft.nl streeft naar onafhankelijk en objectief nieuwsverslag van het gebeuren in de Delftse politiek
                PolitiekDelft.nl is een orgaan van de Stichting Prodeo Advies Delft KvK Delft nr. 27173695

Reacties naar: redactie@politiekdelft.nl of prodeo@wanadoo.nl