Nooit meer zeggen, hoor!
Door Aad van Tongeren
Het woord is het
belangrijkste wapen van een gemeenteraadslid. Maar dan wel de juiste woorden en geen wartaal, prietpraat,
lulkoek, zoals:
|
Wat |
Waarom niet? |
|
1.
“Het stuk dat
hier voor ons ligt […]” |
Onzinformulering.
Natuurlijk ligt het stuk voor je. Niet achter je of thuis. |
|
2.
“Voorzitter,
mijn fractie is erg blij met dit stuk.” |
Coalitietaal om te
zeggen: “Wij gaan ongezien akkoord.” |
|
3.
“Voorzitter,
wij gaan akkoord en zien uit naar de evaluatie” |
Formulering voor het
geval je echt niets zinnigs weet te bedenken. En op die evaluatie kom je ook niet meer terug. |
|
4.
“Voorzitter,
ik houd het kort” |
Twee
mogelijkheden: “Ik heb het stuk eigenlijk niet goed gelezen” of openingszin
voor een lang betoog. |
|
5.
“Nogmaals
[…]” |
Taalgebruik van
verliezende voetbaltrainers. Als je een herhaling nodig hebt om je punt
duidelijk te maken, beheers je de materie onvoldoende. |
|
6.
“Als het gaat
om […], dan” |
Tweede-Kamertje
spelen |
|
7.
“Het kan toch
niet zo zijn, dat […]” |
Idem, wordt
meestal gebruikt in situaties dat iets juist wčl gebeurt. Voorbeeld: “Het kan
toch niet zo zijn, dat de bewoners voor de schade aan hun woningen moeten
opdraaien.” |
|
8.
“Position
paper” |
Wordt meestal
uitgesproken als “Pusisjun Pepah”. Als het college gekke termen verzint, moet
je die nooit overnemen. Je moet die laten waar ze thuis horen. |
|
9.
“Aandeelhouderschap” |
Eigenaardige
poging om bedrijfseconomische termen toe te passen op het overheidsbeleid.
Zie ook “wijkaandelen”. Pas op: gekke termen zijn besmettelijk. |
|
10.
“Voorzitter,
en dan wilde ik het hier bij laten.” |
Een goed einde van
je verhaal is net zo belangrijk als een goed begin. Deze eindzin hoort bij de
categorie “nachtkaars”. Zie ook: “Voorzitter, tot zo ver mijn bijdrage.” |